Prinsjesdag 2026: wat verandert er aan de pseudo-eindheffing?
Op Prinsjesdag (15 september 2026) heeft het kabinet de aangekondigde aanpassingen aan de pseudo-eindheffing uitgewerkt in het wetsvoorstel Overige fiscale maatregelen 2027. Wat betekent dat voor jouw wagenpark? Wij zetten het voor je op een rijtje.
Eerst het belangrijkste: de basis van de regeling blijft hetzelfde. De pseudo-eindheffing gaat op 1 januari 2027 in en het tarief blijft 12% van de cataloguswaarde.
In juni kondigde het kabinet al aan dat er uitzonderingen zouden komen, onder meer voor vervangend vervoer, korte huurperiodes en lesauto's. Nu weten we hoe die uitzonderingen precies werken en welke voorwaarden eraan vastzitten. Houd er wel rekening mee dat de Tweede en Eerste Kamer het voorstel nog moeten behandelen. De wijzigingen zijn dus nog niet definitief.
Wat staat er in het wetsvoorstel?
Het kabinet stelt vier aanpassingen voor:
- Een uitzondering voor vervangend vervoer bij onderhoud, reparatie, schadeherstel of een bandenwissel, van maximaal veertien dagen per keer;
- Een korte periode van maximaal zeven dagen per auto per jaar, zolang het overgangsrecht loopt;
- Een uitzondering voor handgeschakelde lesauto's;
- Verlenging van het overgangsrecht tot en met 31 december 2030.
Nieuw ten opzichte van de aankondiging in juni is een technische regel die dubbele heffing voorkomt bij hoge vertrekvergoedingen. Daarover lees je verderop meer. Wil je eerst weten hoe de pseudo-eindheffing werkt, voor welke auto's deze geldt en hoe je de heffing berekent? Lees dan onze volledige uitleg over de pseudo-eindheffing.
1. Vervangend vervoer: maximaal veertien dagen per keer
Staat de auto van je collega bij de garage voor onderhoud, reparatie, schadeherstel of een bandenwissel? Dan is een vervangende auto met CO₂-uitstoot volgens het voorstel maximaal veertien kalenderdagen uitgezonderd van de pseudo-eindheffing. Die termijn geldt per keer. Gaat de auto meerdere keren per jaar naar de garage, dan geldt de uitzondering elke keer opnieuw.
Duurt het vervangend vervoer langer dan veertien dagen? Dan betaal je vanaf de vijftiende dag wél pseudo-eindheffing, en wel over de hele kalendermaand waarin die vijftiende dag valt.
Let op: de uitzondering geldt alleen als je collega de vervangende auto op dezelfde manier gebruikt als de vaste auto. Rijdt je collega de vaste auto alleen zakelijk, maar mag hij de vervangende auto ook privé gebruiken? Dan valt de vervangende auto niet onder de uitzondering.
Voorbeeld
Stel, je collega krijgt van 23 maart tot en met 7 april een vervangende auto. De vijftiende dag valt dan op 6 april. Wordt het voorstel ongewijzigd aangenomen, dan betaal je pseudo-eindheffing over heel april. Leg de begin- en einddatum van vervangend vervoer dus altijd goed vast.
2. Een korte periode van maximaal zeven dagen
Heb je een keer voor een paar dagen een huurauto nodig? Ook voor zo'n korte, incidentele inzet komt er een regeling. Zolang het overgangsrecht loopt, mag je een personenauto met CO₂-uitstoot één keer per kalenderjaar maximaal zeven aaneengesloten dagen ter beschikking stellen zonder pseudo-eindheffing. Binnen die periode mogen ook meerdere collega's de auto gebruiken.
De grens geldt per auto, per werkgever en per kalenderjaar. Stel je dezelfde auto later in het jaar opnieuw privé ter beschikking? Dan vervalt de uitzondering helemaal, ook voor de eerste periode. Gebruik je dezelfde huurauto bijvoorbeeld vier dagen in april en twee dagen in juni, dan betaal je pseudo-eindheffing over allebei die maanden. Een huur-, voorloop- of shortleaseauto die je regelmatig inzet, valt dus niet buiten de pseudo-eindheffing.
3. Uitzondering voor handgeschakelde lesauto's
Lesauto's met een handgeschakelde versnellingsbak worden uitgezonderd. Het gaat om auto's waarbij de bestuurder zelf de koppeling bedient om weg te rijden, te stoppen en te schakelen. Automatische lesauto's met CO₂-uitstoot vallen niet onder deze uitzondering.
4. Overgangsrecht verlengd tot eind 2030
Heb je een personenauto met CO₂-uitstoot vóór 1 januari 2027 voor het eerst ter beschikking gesteld? Dan geldt er al een overgangsregeling. Volgens de huidige wet loopt die tot en met 16 september 2030. Het kabinet stelt voor om dit te verlengen tot en met 31 december 2030. Stemmen de Tweede en Eerste Kamer in, dan geldt de pseudo-eindheffing voor deze auto's pas vanaf 1 januari 2031. Dat sluit beter aan op een volledig kalenderjaar.
Samenloop met hoge vertrekvergoedingen
Voor werkgevers die een zeer hoge vertrekvergoeding betalen aan een topverdiener bestaat al een aparte pseudo-eindheffing. Zonder aanpassing kan hetzelfde voordeel onder beide heffingen vallen, bijvoorbeeld een fossiele auto die een vertrekkende bestuurder nog ter beschikking heeft. Het voorstel regelt dat je in dat geval niet twee keer betaalt. Voor de meeste wagenparken speelt dit niet.
Wat staat vast en wat is nog een voorstel?
| Onderdeel | Status na Prinsjesdag (15 september 2026) |
|---|---|
| Invoering op 1 januari 2027 | Definitief |
| Tarief van 12% | Definitief |
| Woon-werkverkeer telt als privégebruik | Definitief |
| Overgangsrecht tot en met 16 september 2030 | Definitief |
| Verlenging overgangsrecht tot en met 31 december 2030 | Voorstel |
| Maximaal 14 dagen vervangend vervoer | Voorstel |
| Eén periode van maximaal 7 dagen per jaar | Voorstel |
| Uitzondering handgeschakelde lesauto's | Voorstel |
| Geen dubbele heffing bij hoge vertrekvergoedingen | Voorstel |
Tijdens de behandeling in de Tweede en Eerste Kamer kunnen de voorstellen nog veranderen.
Door de komst van de pseudoeindheffing is het belangrijk om te besluiten wat je met je wagenpark wilt gaan doen. Bepaal nu je strategie.
Wat betekent dit voor jouw wagenpark?
Voor de meeste werkgevers verandert de voorbereiding op 2027 niet. Wel zijn er een paar punten waar je extra op kan letten.
Check welke auto's onder het overgangsrecht vallen
Leg per auto vast wanneer jouw organisatie deze voor het eerst ter beschikking heeft gesteld.
Registreer tijdelijk vervoer nauwkeurig
Houd bij huur-, voorloop- en vervangende auto's het kenteken en de exacte gebruiksperiode bij. Een dag te lang, of een tweede periode met dezelfde auto, kan je een hele maand heffing kosten.
Kijk naar contracten die doorlopen tot 2030 of 2031
Rijden er eind 2030 nog auto's in jouw wagenpark? Dan kan de voorgestelde verlenging van het overgangsrecht voor jou interessant zijn.
Houd definitieve regels en voorstellen uit elkaar
De uitzonderingen zijn nog niet definitief. Pas je wagenparkbeleid daarom niet alleen op basis van deze uitzonderingen aan.
Wat kan je nu al doen?
De belangrijkste stap blijft hetzelfde: zorg dat je weet welke auto's in jouw wagenpark vanaf 2027 onder de pseudo-eindheffing kunnen vallen. Breng daarom per auto in kaart:
- het type voertuig;
- de CO₂-uitstoot;
- de datum waarop de auto voor het eerst ter beschikking is gesteld;
- het privé- en woon-werkgebruik;
- de cataloguswaarde;
- de einddatum van het contract.
Zo kan je verschillende scenario's doorrekenen en op tijd bepalen welke mobiliteitskeuzes bij jouw organisatie passen. Wil je de volledige voorwaarden, rekenvoorbeelden en wagenparkcheck bekijken? Lees dan De pseudo-eindheffing: alles wat je moet weten voor 2027.
Vragen?
Wil je weten wat de pseudo-eindheffing en de voorgestelde wijzigingen voor jouw wagenpark betekenen? Wij denken graag met je mee over je wagenpark, contractmomenten en toekomstige mobiliteitskeuzes. Neem gerust contact met ons op, wij helpen je graag verder.